Kwaliteit
1.1 Inleiding
Een ziekenhuis heeft een belangrijke maatschappelijke functie. Aan de kwaliteit van zijn diensten worden hoge eisen gesteld.
1.2 Wat is kwaliteit?
Het woord 'kwaliteit' ligt tegenwoordig op ieders lip. En hoewel iedereen hetzelfde woord 'kwaliteit' gebruikt, is het maar de vraag of ook iedereen er hetzelfde mee bedoelt.
Een definitie van kwaliteit die in veel gevallen bruikbaar is gebleken is deze:
Voldoen aan de verwachtingen van de klant
Met deze definitie kan het begrip kwaliteit goed uitgewerkt worden.
De definitie geldt voor de gehele organisatie. Kwaliteit is dus niet voorbehouden aan de afdelingen of personen die direct contact hebben met de klant. Het is wel zo dat deze personen of afdelingen de kwaliteit uiteindelijk waar zullen moeten maken. Dat kunnen zij echter niet als zij hun werk niet goed kunnen doen, bijvoorbeeld doordat ze verkeerde materialen of verkeerde informatie aangeleverd krijgen, of dat dat te laat gebeurt.
Om dus aan de verwachtingen van de externe klant (= bv. de patiënt) te kunnen voldoen, moeten de interne leveranciers (= bv de verpleegkundige, artsen) de juiste producten of diensten leveren. Ditzelfde geldt uiteraard ook weer voor die interne leverancier (bv het magazijn levert materialen aan de verpleegkundige, dan is de verpleegkundige de interne klant, enzovoort). Het begrip 'klant' heeft dus niet alleen betrekking op de externe klant (de patiënt), maar ook op de interne klant. De definitie van kwaliteit moet dus gelezen worden als:
Voldoen aan de verwachtingen van de interne en de externe klant
De klant (zowel intern als extern) zal heel expliciet zijn in het uitspreken van een aantal van zijn verwachtingen. Bijvoorbeeld: de kleur en het model van de auto, de wijze waarop de Arbo-dienst verzuimbegeleiding doet. Een aantal andere verwachtingen vindt hij zó vanzelfsprekend, dat hij er zelf niet eens aan denkt om ze te noemen, of omdat hij denkt dat de leverancier ze toch wel snapt. Bijvoorbeeld: dat de auto een reservewiel heeft en een werkende stuurinrichting, of dat de Arbo-dienst met goed opgeleide verpleegkundigen en doktersassistenten werkt en op een heldere wijze communiceert.
De verwachtingen die een klant uitspreekt zijn 'makkelijk', juist doordat ze expliciet gemaakt worden. Er hoeft 'alleen maar' gezorgd te worden dat het product of de dienst daaraan voldoet. De verwachtingen die de klant níet uitspreekt zijn veel lastiger. Zolang er aan voldaan wordt zal de klant zich niet laten horen. Het wordt pas moeilijk als er niet aan voldaan wordt. Excuses van de leverancier: 'wij wisten niet dat u dat wilde', worden verworpen: 'het is toch logisch dat ik dat erbij verwacht!'. De leverancier van een interne of externe klant moet dus steeds attent zijn op deze vanzelfsprekende verwachtingen. Het kan daarbij zinvol zijn de vanzelfsprekende verwachtingen duidelijk te maken, en er dus uitgesproken verwachtingen van te maken.
De definitie van kwaliteit kan dus nogmaals worden verduidelijkt:
Voldoen aan de uitgesproken en vanzelfsprekende verwachtingen van de interne en de externe klant
Het niet voldoen aan de verwachtingen van de klant resulteert dus in een ontevreden klant. Er is dus geen kwaliteit geleverd. En de klant komt niet terug.
Wordt aan alle verwachtingen voldaan, dan is de klant echter nauwelijks meer dan 'neutraal tevreden'. Hij zal in principe wel terugkomen, maar kiest ook makkelijk voor een concurrent. Ook zal hij niet direct reclame maken voor de leverancier.
Wordt er echter méér geleverd dan de klant verwacht had, dan ontstaat er een heel andere situatie. Vooral als dit consequent gebeurt. Dit meer leveren zit overigens bijna altijd in zaken die niet direct het gevraagde product of de gevraagde dienst betreffen: door twee reservewielen bij een auto te leveren of er ongevraagd een aanhanger bij cadeau te doen, levert dat eerder het gevoel bij de klant op dat hij een auto van mindere kwaliteit heeft gekocht, of teveel heeft betaald, dan dat hij nu extra tevreden is. Hij is wel extra tevreden als hij bij zijn nieuwe auto een 10-rittenkaart krijgt voor een goede autowasstraat, of als de postbode zijn post in een plastic zakje doet omdat het regent en de brievenbus al helemaal volzit. In dat soort gevallen is de klant in meerdere of mindere mate geneigd reclame voor het bedrijf te maken. En hij is minder snel geneigd naar de concurrent te lopen.
Het lastige is echter weer dat de klant aan de extraatjes went. Bij de derde auto die hij koopt verwacht hij eigenlijk die 10-rittenkaart. Het is een vanzelfsprekende verwachting geworden. Dat betekent dat er wijs omgegaan moet worden met de extra's. Ze zijn wel hard nodig, maar er moet voorkómen worden dat het willekeurig gebeurt. En er moet steeds iets nieuws bedacht worden, om die klant maar steeds opnieuw het (terechte) gevoel te geven dat er iets meer voor hem gedaan wordt dan strikt noodzakelijk. Dit vergt een systematische aanpak; er is een kwaliteitssysteem nodig .
Voor de laatste maal kan de definitie van kwaliteit uitgebreid worden:
Net iets meer dan voldoen aan de steeds toenemende uitgesproken en vanzelfsprekende verwachtingen van de interne en de externe klant
Uit het bovenstaande moge duidelijk zijn dat kwaliteit dus niet het 'gouden randje' is. Een Rolls Royce is niet per definitie een auto met een hogere kwaliteit dan een Lada. Een Mont Blanc is niet per definitie een pen met een hogere kwaliteit dan een BIC. Wat een kwaliteitsauto, -pen, enz. is, is volledig afhankelijk van de klant.
De definitie van kwaliteit houdt dus ook in dat kwaliteit in ieders dagelijks werk niet, iets is dat bovenop het 'normale werk' komt. Nee, kwaliteit is ieders werk.
1.3 Kwaliteit van de organisatie.
Een organisatie is een samenwerkingsverband; mensen werken samen aan een doel. De kwaliteit van de organisatie is (mede) afhankelijk van de wijze van besturing van de organisatie. Het resultaat van deze besturing is dat personen en afdelingen in de organisatie hetzelfde begrippenkader hanteren, weten wat hun verantwoordelijkheid is en wat ze van elkaar kunnen verwachten.
|
KNIPOOG: Regels en uitzonderingen……..
|
Regels zijn er niet voor niets: ze bieden iedereen houvast. Dat is echter geen excuus om uitzonderingssituaties ook in de standaard regels te willen vatten, het zijn niet voor niets uitzonderingen. Helaas wordt dat niet altijd goed begrepen....

© Tom Janssen
(Voor de goede orde: dit is geen anti-Arbodienst-campagne! Het gaat om het bovengenoemde principe.)
Wanneer in een organisatie wordt gewerkt aan kwaliteit, zijn de volgende aspecten van belang:
- de dingen in één keer goed en volledig doen.
- betrokkenheid van iedereen, maar de eindverantwoordelijkheid berust bij het management.
- continuïteit in het proces om te streven naar nog betere diensten en producten.
- aandacht richten op gedrag en werkprocessen en het resultaat hiervan. Samen dingen doen en bij de uitvoering gesteund worden door de manager, teamwork.
- gemeenschappelijke verantwoording dragen, overeenstemming bereiken.
- op een gestructureerde manier de problemen oplossen.
- klantgericht werken en beseffen dat iedereen een klant is.
Om tot borging (vasthouden van beteringen) te komen, is een kwaliteitssysteem van belang. Normen vormen in een dergelijk systeem de afspraken waaraan het kwaliteitssysteem moet voldoen om de kwaliteit van de dienst zeker te stellen.
Bij het opzetten en invoeren van een kwaliteitssysteem en bij het nagaan of dit systeem aan de gestelde eisen voldoet, vormen de normen dus het handvat. Het opzetten van een kwaliteitssysteem op basis van een norm is een zware taak en het invoeren ervan is een langdurig proces waaraan consequent gewerkt moet worden. Soms gaat dit gepaard met aanpassingen in de organisatie.
1.4 Kwaliteitborgingsnorm.
Kwaliteitborgingsnormen zijn de eisen waaraan het kwaliteitssysteem moet voldoen. De kwaliteitborgingsnormen van bijvoorbeeld NIAZ en ISO vormen zelf geen kwaliteitssysteem. De normen bevatten wel voorwaarden waaraan de elementen van een kwaliteitssysteem moeten voldoen. Ze beschrijven “WAT” er bereikt moet worden, maar niet “HOE” dat moet gebeuren.
|
KNIPOOG: Kwaliteit inbouwen
|

Kwaliteit van een product kan in het ontwerp worden meegenomen. Het (duurdere) alternatief is om de kwaliteit van het product pas aan het eind van het productieproces te gaan inspecteren. Had Mercedes met hun beruchte kantel-Benz voor de laatste optie gekozen?
1.5 Kwaliteitsbeleid.
Kwaliteit dient integraal, in de hele organisatie, te worden aangepakt. De zorg die aan kwaliteit wordt besteed mag niet alleen afhangen van de toevallige motivering of bekwaamheid van een aantal medewerkers. Alle kwaliteitsactiviteiten moeten systematisch op één gemeenschappelijk doel worden gericht. De leiding van de organisatie formuleert dat doel in het kwaliteitsbeleid van het ziekenhuis.
|
KNIPOOG: Regels en uitzonderingen……..
KWALITEITSZORG IS...

|
Onder kwaliteitsbeleid en beleidsvorming worden alle activiteiten verstaan die ervoor zorgdragen dat de doelstellingen van een organisatie vastgesteld en gerealiseerd worden.
Beleid komt tot stand door de bestaande situatie te vergelijken met de gewenste situatie, rekening houdend met alle factoren die van invloed kunnen zijn op het veranderingsproces. Uiteindelijk wordt een plan van aanpak (kwaliteitsplan) geformuleerd om de gewenste situatie te bereiken.
Het kwaliteitsbeleid moet de kapstok vormen waar alle activiteiten met betrekking tot het toetsen, verbeteren en handhaven van kwaliteitsniveaus aan opgehangen kunnen worden. Omdat organisaties over het algemeen verschillen zullen ook hun doelstellingen en de wegen waarlangs deze bereikt moeten worden, verschillen. Toch kunnen algemene richtlijnen geformuleerd worden die ondersteuning kunnen bieden bij het opstellen en het ten uitvoer brengen van kwaliteitsbeleid.
Door de steeds groter wordende acceptatie van normen wordt kwaliteitszorg steeds meer als managementinstrument gehanteerd. Daarmee is ook de wijze van organiseren van de kwaliteit een aandachtsgebied geworden (kwaliteitsbeheersing)